Ga terug naar Blogs

Hoe voer ik regie over mijn leven als het schuurt?

Recent schreef ik een blog met als titel “Als het leven je duwt naar een plek waar je niet wilt zijn“. Hier is veel op gereageerd. Sommigen vertelden mij hun duw-verhaal. Hoe ze hebben geworsteld als het leven schuurde en hoe ze daar betekenis in konden vinden. Anderen zijn aangemoedigd om te springen en moedige besluiten te nemen in actuele vraagstukken. Dit heeft me aangespoord om een vervolg te geven aan het thema “Als het leven duwt…”, maar dan nog meer vanuit leiderschapsperspectief.

Als het leven duwt ontstaat vroeg of laat de vraag “wat ga ik doen in deze situatie?“. Hoe behoud ik de regie zonder mezelf te verliezen? ‘Regievoeren’ is een belangrijk begrip in het TransforMissioneel denken en een essentiële sleutel om staande te blijven als er wordt geduwd.

Kruispunten in het leven

Ons leven kent veel kruispunten. Vanaf het moment dat we zelfstandig denken maken we keuzen. Eenvoudige keuzen (hoe laat sta ik op, wat doe ik op mijn boterham) en levensbepalende keuzen (welke studie ga ik doen, ga ik kopen of huren, word ik zzp-er, of ga ik in loondienst). Het leven stelt ons voor allerlei vragen en wij hebben daar antwoord op te geven.

Hoe maak ik keuzen?

Ik ben opgegroeid op de boerderij. Hier heb ik geleerd hard te werken en verantwoordelijkheid te dragen. Ik heb twee broers. Mijn oudste broer is verstandelijk beperkt. Door zorg voor hem te dragen werd mijn gevoel van verantwoordelijkheid versterkt. Het leven leerde mij om er voor anderen te zijn en dat werd ook aangemoedigd. Op mijn achttiende was ik er helemaal klaar mee om rekening te houden met anderen. Ik pakte m’n rugzak en met 100 gulden op zak vertrok ik naar Spanje. Daar heb ik een maand rondgedwaald. In die periode moest ik denken aan twee leraren die me hebben geleerd hoe ik goede keuzen in het leven kan maken.

Mijn missie
Meneer Blauw was mijn mentor op de middelbare school. Om het juiste vakkenpakket te bepalen moest ik kiezen voor een vervolgopleiding. Ik zei tegen meneer Blauw: “Ik ga naar de landbouwschool, want ik word boer”.  Hij keek mij door zijn ronde brillenglazen doordringend aan toen hij mij een levensveranderend vraag stelde “Doe jij dit meer omwille van je vader of is dit iets wat jij zelf wilt?”. Deze vraag bleef haken in mijn gedachten, want dit ging over mijn missie. Het bleef maar nagalmen in mijn hoofd: “Wat wil jíj met je leven?”.

Mijn identiteit
De missie-vraag leidde me naar een middelbare agogische opleiding. Ik had de keuze gemaakt om niet te werken met dieren of gewassen, maar voor mensen met een beperking. Daar ontmoette ik meneer Job. Hij was invaldocent en reed elke week door mijn woonplaats op weg naar school. Al snel reed ik met hem mee, dat scheelde me 20 kilometer fietsen. Tijdens onze ritjes vroeg hij me wat ik met deze opleiding wilde doen. Ik zei dat ik het wel leuk vond om groepsleider te zijn, maar dat ik liever leiding gaf aan groepsleiders. “Maar ja”, zei ik er achter aan “daar heb je wel een hbo-diploma voor nodig”.“ Meneer Job trapte op de rem en keek me zwijgend aan. Het maakte mij ongemakkelijk. “Waarom denk je zo klein over jezelf”, zei hij en trok weer op. Om een lang verhaal kort te maken, meneer Job maakte mij ervan bewust dat ik te gering over mezelf dacht. Ik hoorde stemmen van anderen die hadden gezegd “dat kun je toch niet” en “dat is te hoog gegrepen”. In dat jaar gaf meneer Job mij zicht op mijn eigenwaarde door mij te bevestigen in mijn kwaliteiten en mogelijkheden en aan te moedigen verder te studeren.

Deze twee leraren leerden mij een belangrijke levensles. De mate waarin ik ben verankerd in mijn identiteit en missie, is bepalend voor de keuzen die ik maak in moeilijke situaties. Dit werkt door in hoe we leiding geven. Hoewel ik van uit mijn rol als leider technieken en vaardigheden heb geleerd om leiding te geven, is de stevigheid waarmee ik ben geworteld in mijn identiteit en missie bepalend voor het effect van mijn leiderschap. Hieronder zal ik dat toelichten.

Reactiepatronen

Als leider reageer ik op een bepaalde manier in lastige situaties. Zonder dat ik er mij van bewust ben komt mijn reactie voort uit hoe ik als persoon leiding geef aan mijn leven. Welke van onderstaande reactiepatronen herken jij als leider?

Assimileren
“Als het moeilijk wordt dan laat ik de situatie over me heen komen”. “Ik vang de klappen op en hou me wat stil in de hoop dat het snel voorbij gaat”. Jezelf conformeren aan de situatie is een veelvoorkomende reactie in het leidinggeven. Eerlijk gezegd heb ik ook wel eens de neiging om gewoon stil te zitten en af te wachten totdat het overwaait. Maar conformeren leidt uiteindelijk tot ‘assimileren’. Dan maak je jezelf klein en word je onzichtbaar voor je omgeving. Je verliest jezelf in de situatie. Wat jij wilt en wat jij belangrijk vindt doen er dan niet meer toe. Je hoopt dat de situatie zich vanzelf oplost.

Profileren
Een tegenovergestelde reactie is ‘beheersen’. Dat is een houding waarmee je als leider probeert grip te krijgen op moeilijke omstandigheden in de hoop dat je bemoeienis de schade zal beperken. Maar beheersen kan al snel leiden tot ‘profileren’. Dan maak je jezelf als leider groot om er voor te zorgen dat gebeurd wat jij belangrijk vindt. Ik heb deze houding wel eens aangenomen om te laten zien dat ik als leider boven de materie sta en richting kan geven. Maar dat voelde niet lekker. Ik was niet meer mezelf met als gevolg dat ik mezelf onbewust isoleerde en de verbinding verloor met mijn samenwerkingsrelaties die nodig waren om ons doel te bereiken.

De as van invloed
Assimileren en profileren zijn twee tegengestelde reacties. Twee polen op de as van invloed uitoefenen (zie figuur 1).  Als het gaat om je grondhouding dan sta je als leider ergens op die as. Waar zou jij het kruisje zetten?

figuur 1 – de as van invloed

Mijn grondhouding in het leven

Assimileren en profileren zijn niet zomaar een reactiepatroon. Ze vertellen me iets over hoe ik in het leven sta. Mijn houding wordt gevoed door dieperliggende lagen.

Assimileren: als het leven duwt, pas ik me aan
Misschien herken je jezelf in een grondhouding die assimileert. In conflictsituaties heb je dan de neiging om te bevriezen (freeze) of te vluchten (flight). Meestal ontstaat assimilatie uit onzekerheid over jezelf (identiteit) of uit onduidelijkheid waar je voor staat (missie). Vaak is er een onbewuste overtuiging aanwezig dat het leven zich vanzelf ontwikkelt of dat het toch niet uitmaakt wat je doet. Hier liggen meestal ervaringen uit het leven aan ten grondslag. Als je in je leven keuzen hebt gemaakt met nare gevolgen, dan ben je misschien gaan twijfelen aan je eigen intuïtie of inschattingsvermogen. Je hebt ontdekt dat als het leven duwt,  dat je je dan het beste kunt aanpassen door je te laten duwen.

Profileren: als het leven duwt, duw ik terug
Een tegenovergestelde houding is profileren. Als het leven duwt, dan zet je je automatisch schrap en laat je jezelf van je beste kant zien. Misschien duw je zelfs wel terug. Herkenbaar voor deze houding is de neiging om de strijd aan te gaan als je in conflictsituaties komt (fight). Bij profileren kan er een onderliggende overtuiging aanwezig zijn dat je het leven kunt ontwerpen. Maar ook de angst om iets te verliezen of de drang om jezelf te bewijzen, kan een motivatiefactor zijn.

Het ’optimale midden’

Als je geen herkenning vindt in assimileren of profileren, kan dat betekenen dat je – bewust of onbewust – het ‘optimale midden’ hebt gevonden. Het gevolg van assimileren en profileren is dat je de verbinding met jezelf en met je omgeving verliest. Het ‘optimale midden’ is een reactie waarbij je die verbinding juist weet te behouden. Hoe ziet dat eruit op de as van invloed (zie figuur 2)?

figuur 2 – het ‘juiste midden’

Het ‘juiste midden’ wil niet zeggen dat het kruisje persé in het midden staat. Mijn kruisje heeft lange tijd aan de kant van ‘assimileren’ gestaan. De boerderij en mijn broer hebben mij veel geleerd, maar ik verloor mijzelf in het dienen van anderen. Ik ging assimileren. Meneer Blauw en meneer Job hebben mij geholpen om het ‘juiste midden’ te vinden door me te laten ontdekken wat ik zelf wil. Van nature pas ik mij snel aan en met mijn karakter zal ik me niet snel op de voorgrond zetten. Daarom heb ik geleerd om mijn kruisje dichter bij de pool van profileren te zetten dan bij de pool van assimileren. Dan kom ik in mijn gewenste grondhouding precies in het ‘juiste midden’ uit. Wat het juiste midden is, is dus per persoon verschillend.

Regisseren: als het leven duwt, beweeg ik mee
De houding die bij het juiste midden hoort is ‘regisseren of ‘regievoeren’. Leiders die bewust deze weg gaan staan innerlijk vrij stevig. Ze hebben een gezond zelfbeeld en een sterk besef van hun persoonlijke missie. Daardoor kunnen ze in moeilijke situaties staan voor wie ze zijn en tegelijkertijd open staan voor hen die anders denken.

Leiders die ‘regievoeren’ passen zich niet aan en zetten zich ook niet schrap, maar ze bewegen mee en oefenen zo invloed uit. Ze geloven niet dat het leven doet wat het wil (assimileren) of dat het maakbaar is (profileren), maar ze hebben de overtuiging dat het leven spreekt, dat het ons iets wil leren en dat we daar betekenisvol op kunnen antwoorden (regievoeren).

Als het leven duwt dan kiezen ze er voor om niet als een speelbal alle kanten te worden opgespeeld (assimileren). Ze willen ook geen schepper zijn die de omstandigheden naar hun eigen hand zet (profileren). Hun grondhouding is die van een schipper die zichzelf en zijn bestemming goed kent en anderen mee inschakelt om samen betekenis te vinden in lastige situaties en vandaaruit te handelen (regievoeren).

Bart Broekman,  7 maart 2020

Ga terug naar Blogs